Op een ijskoude winterdag waggelde een kleine muis over een verlaten veld, zijn pootjes verstijfden van de kou. Zijn voorraad eten was op, zijn nest was verwaaid door een storm, en zijn vrienden waren allemaal diep onder de grond gekropen. De muis voelde zich hopeloos. “Waarom zou ik nog verder zoeken?” piepte hij zacht. “Er is niets meer over.”

Op dat moment dwarrelde er een sneeuwvlok op zijn neus. De muis keek omhoog. Nog één, en nog één. Binnen een paar tellen dansten er honderden vlokken om hem heen. Hoewel hij nog steeds koud was, voelde hij zich niet meer zo alleen. De lucht leek zachter, de wereld rustiger. En in de verte zag hij een warme gloed: het raam van een huisje, met licht en schaduw van mensen en misschien… kruimels?

De muis schudde zijn vacht uit, haalde diep adem en begon te lopen. Elke stap kraakte in de sneeuw, maar hij liep. En toen hij bij het huis aankwam, vond hij een schuilplekje onder een stapel hout — en ja hoor, een verloren stuk brood.

Die nacht viel de muis in slaap met een volle buik, en in zijn dromen voelde de wereld weer als een plek vol mogelijkheden.

Wanneer alles verloren lijkt, kan juist iets kleins — een gebaar, een sneeuwvlok, een sprankje licht — de hoop weer aanwakkeren.

Door Hanna

In Stedenwijk hoef je nooit ver te zoeken naar een verhaal. Hanna Hosselet weet dat als geen ander. Sinds 2013 woont ze in de wijk, waar ze het groen, de korte fietsroutes en vooral de mensen waardeert. Als welzijnscoach en trainer houdt ze zich bezig met wat een buurt leefbaar maakt: meedoen, elkaar tegenkomen en ergens bij horen. In haar werk zoekt ze naar manieren om mensen in beweging te krijgen. Soms letterlijk, soms figuurlijk, en soms allebei tegelijk. Voor De Stedenwijker schrijft ze onder andere recepten, houdt ze de website draaiend en is ze de host van de podcast Hallo Stedenwijk. Daarin gaat ze in gesprek met bewoners en jongeren over hun leven in de wijk. Over wat goed gaat, wat beter kan en wat een plek nou eigenlijk een beetje ‘warm’ maakt. En als ze niet aan het werk is, is de kans vrij groot dat ze aan het kickboksen is, in de keuken staat of zich verbaast over hoe snel je hier met de fiets overal bent: wat, eerlijk is eerlijk, nog steeds een klein wonder blijft.